|
|
|
 |
 |
 |
 |
SAMENSTELLING VAN WERKWOORDEN |
 |
|
|
Werkwoorden en andere woorden kunnen op elkaar betrekking hebben en veelal in elkaars buurt blijven. Bijvoorbeeld: "bewustlos schlagen, dingfest machen". Zij vormen aldus een woordgroep.
In vele gevallen schrijft men dergelijke met elkaar in betrekking staande woorden tot een nieuw werkwoord aaneen in plaats van een woordgroep te vormen. Bijvoorbeeld de samenstellingen: "freisprechen, kaltstellen".
Worden nooit aaneengeschreven: het werkwoord "sein" en een ander woord.
Voorbeelden:
beisammen sein fertig sein los sein vonnöten sein vorbei sein vorhanden sein vorüber sein zufrieden sein
Bij de samenstelling tot een nieuw werkwoord moet men steeds uitkijken of het gaat om een scheidbaar of onscheidbaar werkwoord
|
Scheidbare werkwoorden
|
Scheidbare werkwoorden:
Dit zijn werkwoorden waarbij de bestanddelen (een werkwoord en een ander woord) bij vervoeging de volgorde, zoals die in de infinitiefvorm voorkomt, niet altijd blijven aanhouden.
Voorbeeld van het werkwoord hinzukommen (bestanddeel "hinzu" en bestanddeel "kommen"):
Wenn dieses Argument hinzukommt ... Dieses Argument kommt hinzu. Dieses Argument kommt erschwerend hinzu.
Samenstellingen van scheidbare werkwoorden
|
Onscheidbare werkwoorden
|
Dit zijn werkwoorden waarbij de bestanddelen (een werkwoord en een ander woord) in om het even welke vervoeging de volgorde, zoals die in de infinitiefvorm voorkomt, blijven aanhouden.
Voorbeeld van het werkwoord maßregeln: (eerst "maß", dan "regeln"):
Wer jemanden maßregelt ... Man maßregelte ihn ... Niemand wagte, ihn zu maßregeln Er wurde offiziell gemaßregelt.
Samenstellingen van onscheidbare werkwoorden
|
|
|
|
Alle gegevens baseren zich op het Duits
spellingsbesluit van maart 2006, in voege getreden in augustus 2006. Verantwoordelijkheid voor layout: Sebastian Norbert Hope, Niedersachsen, Deutschland (zie contact).
|
|