U bevindt zich hier: Spraakkunst Voornaamwoorden  
 SPRAAKKUNST
Werkwoorden
Substantief
Adjectief
Voornaamwoorden
Voorzetsels
Bijwoorden
Voegwoorden

REFLEXIEVE VOORNAAMWOORDEN

Navigatie voornaamwoorden

aanwijzend   bezittelijk   onbepaald   persoonlijk   reflexief   relatief   vragend  



 

Reflexieve voornaamwoorden reflecteren het gebeuren van de zin op het onderwerp, soms op het lijdend voorwerp.

Voorbeelden:

"Ich wasche mich."
"Sie war außer sich vor Wut."
"Setzen Sie sich!"
"Wir brauchen uns nicht zu schämen."
"Als er sich näherte, ..."
"Na, helpt ihr euch selber?"



 

Het gebruik van beleefdheids- en vertrouwelijkheidsvormen


Verbuigingen

Eerste persoon  Enkelvoud  Meervoud 
     
Nominatief 
Genitief  meiner  unser 
Datief  mir  uns 
Accusatief  mich  uns 


Tweede persoon  Enkelvoud  Meervoud 
     
Nominatief 
Genitief  deiner  euer 
Datief  dir  euch 
Accusatief  dich  euch 


Tweede persoon
beleefdheidsvorm
(geen hoofdletter) 
Enkelvoud  Meervoud 
     
Nominatief 
Genitief  ihrer  ihrer 
Datief  sich  sich 
Accusatief  sich  sich 


Derde persoon
Mannelijk 
Enkelvoud  Meervoud 
     
Nominatief 
Genitief  seiner  ihrer 
Datief  sich  sich 
Accusatief  sich  sich 


Derde persoon
Vrouwelijk 
Enkelvoud  Meervoud 
     
Nominatief 
Genitief  ihrer  ihrer 
Datief  sich  sich 
Accusatief  sich  sich 


Derde persoon
Onzijdig 
Enkelvoud  Meervoud 
     
Nominatief 
Genitief  seiner  ihrer 
Datief  sich  sich 
Accusatief  sich  sich 



Navigatie voornaamwoorden

aanwijzend   bezittelijk   onbepaald   persoonlijk   reflexief   relatief   vragend  



 

Alle gegevens baseren zich op uitgaven van Duden en Bertelsmann. Verantwoordelijkheid voor layout: Sebastian Norbert Hope, Niedersachsen, Deutschland (zie contact).