U bevindt zich hier: Taalgebruik Adjectiefkeuze  
 TAALGEBRUIK
 
Valentie werkwoord
 
     = passende naamvallen
       zinsdelen + voorzetsels
       bij een werkwoordkeuze
 
Valentie substantief
 
     = passende voorzetsels
 
Valentie adjectief
 
     = passende voorzetsels
 
Adjectiefkeuze
 
     voor substantieven
 
Band Ond.-Werkw.
 
     = passend werkwoord
       voor een onderwerp
 
Band Lijd.Vw.-Werkw.
 
     = passend werkwoord
       bij een lijdend nderwerp
 
Uitdrukkingswijzen

PASSENDE ADJECTIEVEN BIJ EEN SUBSTANTIEF

Navigatie substantieven

A B C D E F G H I J K L M
                         
N O P Q R S T U V W X Y Z



Substantieven N

Vaak is het moeilijk om een juiste beschrijving van iets weer te geven. Adjectieven kunnen daarbij helpen. Zo bijvoorbeeld: "Das war ein Abenteuer. Das erlebt man nur einmal im Leben". Het is beter te zeggen: "Das war ein eimaliges Abenteuer". Onderstaande lijsten kunnen mogelijk een hulpje zijn om de juiste adjectieven bij een substantief te vinden...

De vermelde adjectieven zijn ofwel typisch voor het substantief waarop ze slaan, ofwel zijn zij slechts hintgevend en kunnen daarom aangevuld worden met vele andere adjectieven.

 

 

Voorbeeld: "Es lebte eine starke Nachfrage."

Substantief Bijpassende adjectieven
Nachfrage (die) stark
lebhaft
gering
Nachlass (der) künstlerisch
literarisch
Nachricht (die) wichtig
zuverlässig
verspätet
eilig
unangenehm
aufregend
schlecht
traurig
schlimm
Nacht (die) dunkel
finster
klar
sternklar
kalt
unruhig
durchwacht
durchzecht
durchtanzt
vergangen
schwarz
Nachteil (der) gering
finanziell
materiell
Nachweis (der) unwiderlegbar
unwiderleglich
Nacken (der) kurz
speckig
gedrungen
Nagel (vingernagel) (der) kurz
gepflegt
lackiert
abgebrochen
eingewachsen
abgekaut
Nahrung (die) kaloriearm
vitaminreich
fettreich
fest
flüssig
tierisch
pflanzlich
menschlich
Naht (die) einfach
doppelt
gerade
schief
geplatzt
aufgegangen
Name (der) alt
bekannt
berühmt
klangvoll
selten
häufig
ausgefallen
einprägsam
leicht zu behalten
richtig
falsch
angenommen
Narbe (die) groß
tief
frisch
kaum sichtbar
hässlich
Nase (die) dick
knollig
spitz
gerade
gebogen
edel
höckig
fleischig
Natur (die) unbelebt
unberührt
unverfälscht
unerforscht
wild
blühend
erwachend
Nebel (der) feucht
nass
leicht
dicht
dick
undurchdringlich
herbstlich
ziehend
Neid (der) blass
pur
heftig
Netz (textiel) (das) eng
weitmaschig
grob
dicht
Netz (netwerk) (das) dicht
weltumspannend
unentwirrbar
weit verzweigt
Neugier (die) kindlich
brennend
unverhohlen
lebhaft
maßlos
wissenschaftlich
sexuell
krankhaft
Niederlage (die) schwer
demütigend
schmählig
militärisch
vernichtend
Niederschlag (der) leicht
stark
gering
häufig
radioaktiv
Niveau (das) überdurchschnittlich
gering
geistig
künstlerisch
Norm (die) ethisch
moralisch
gesellschaftlich
verbindlich
Not (die) schwer
bitter
drückend
wirtschaftlich
inner
seelisch
leiblich
höchst
Notiz (die) wichtig
kurz
flüchtig
handschriftlich
Notlage (die) wirtschaftlich
finanziell
augenblicklich
November (der) neblig
kalt
Nuss (die) leer
hohl
taub
hart
ölig
vergoldet
Substantief Bijpassende adjectieven



Navigatie substantieven

A B C D E F G H I J K L M
                         
N O P Q R S T U V W X Y Z



 

Alle gegevens baseren zich op uitgaven van Duden en Bertelsmann. Verantwoordelijkheid voor layout: Sebastian Norbert Hope, Niedersachsen, Deutschland (zie contact).